WWW.THESIS.DISLIB.INFO
FREE ELECTRONIC LIBRARY - Online materials, documents
 
<< HOME
CONTACTS



Pages:   || 2 |

«Tijd zal het onderwerp van deze rede worden, want tijd speelt een belangrijke rol in mijn werk als in dat van menig andere schrijver. Dat hoeft niet ...»

-- [ Page 1 ] --

Radboud Universiteit

Opening Academisch Jaar

Maandag 1 september 2014

Joke J. Hermsen

Onsterfelijke ogenblikken

Tijd zal het onderwerp van deze rede worden, want tijd speelt een

belangrijke rol in mijn werk als in dat van menig andere schrijver. Dat

hoeft niet te verbazen, want wie schrijft, boetseert de tijd door te

spelen met het ritme en de cadans van de zinnen en met de

opeenvolging van de gebeurtenissen. Soms moet dat alles worden

versneld en veel vaker nog eindeloos worden vertraagd om het vreemde en zelden regelmatig kloppende ritme van het leven op de staart te trappen. Schrijven betekent daarom bijna altijd de spot drijven met de klok, want, zoals de dichter W.H. Auden schreef: ‘All our intuitions mock / the formal logic of the clock’.

Hoe is de tijd? Van wie is de tijd? Bestaat er nog een andere tijd dan de kloktijd? Dat zijn de vragen die deze lezing zullen begeleiden.

Belangrijke vragen, want tijd vormt het fundament onder ons bestaan en bepaalt als zodanig onze verhouding tot ons zelf en tot de ons omringende wereld. Toen de mens begon na te denken, dacht hij ook over de tijd na, zonder het mysterie van de tijd evenwel op te lossen.

‘Als niemand het mij vraagt, weet ik het, maar wanneer ik iemand moet uitleggen wat tijd is, weet ik het niet meer’, schreef Augustinus in zijn Belijdenissen, en deze wetende onwetendheid ervaren velen vandaag de dag nog steeds. Ook vanmiddag zullen we het mysterie van de tijd niet gaan oplossen. Wel wil ik een poging wagen u er op z’n minst van bewust te maken dat de tijd niet slechts een gezicht heeft – dat van de kloktijd die onze moderne levens zo sterk bepaalt en de afgelopen eeuw een economisch principe lijkt te zijn geworden, die ons enerzijds schaarste of gebrek aan tijd inpepert en anderzijds tot versnelling van productie en consumptie aanzet, maar dat de tijd, zoals de eerste Griekse filosofen reeds dachten, op z’n minst twee gezichten heeft.

Wij hanteren tegenwoordig in het westen een tamelijk eenzijdig, lineair tijdmodel, de kloktijd, die weliswaar het door ons zelf ingestelde aantal uren, minuten en seconden per etmaal heel precies kan meten, maar niet van onze subjectieve ervaring van tijd kan getuigen noch het ononderbroken en dynamische karakter van tijd kan uitdrukken. We worden ouder en niet jonger, maar de klok kan deze verandering niet weergeven, want is gebaseerd op een model dat onafhankelijk van omstandigheden en gebeurtenissen de tijd meet. De Amerikaanse fysicus Lee Smolin stelt daarom in zijn vorig jaar gepubliceerde boek Time Reborn dat het hier dus feitelijk om een tijdloos tijdmodel gaat en dat de uitdaging voor de wetenschap in de 21e eeuw eruit bestaat een tijdconcept te verzinnen, waarmee die dynamiek wel uitgedrukt kan worden. De kloktijd is behalve statisch en homogeen ook op kunstmatige wijze onderbroken van aard; we hebben de tijd immers in van elkaar gescheiden partjes – de uren, minuten en seconden – opgedeeld, om deze te kunnen meten, maar dit strookt niet met onze ervaring. Niemand hupt of schiet van de ene minuut in de andere, want tijd is ononderbroken van aard, zoals de Franse wiskundige en filosoof Henri Bergson stelde, die begin vorige eeuw zijn concept van de ‘tijd als duur’ introduceerde. Er bestaat dus een belangrijk verschil tussen het meten en het ervaren van tijd.

Tijd als duur is in tegenstelling tot de kloktijd een ‘ondeelbaar vervlieden en voortdurend worden’, schreef Bergson. ‘Het is een heterogeen geheel van kwalitatieve toestanden en veranderingen, die onderling allemaal verschillen’, omdat er ‘geen bewustzijn zonder geheugen is, geen voortzetting van een toestand zonder de toevoeging van de herinnering van voorbije momenten aan het tegenwoordige gevoel’, zoals Bergson dit in het onlangs ook in het Nederlands vertaalde essay Tijd en vrije wil verwoordde. Juist omdat bij de ervaring van elk nieuw ogenblik een heel verleden mee resoneert, is geen enkel ogenblik gelijk aan het voorgaande ‘Niets gebeurt tweemaal en niets zal tweemaal gebeuren’, zoals de Poolse dichteres Wislava Szymborska in het gelijknamige gedicht schrijft.

Eerste intermezzo

Ik moest aan dit gedicht denken toen ik afgelopen najaar maar liefst twee keer heen en weer van Brummen naar mijn woonplaats Amsterdam reed, omdat ik het enige wat ik niet had mogen vergeten toch in de hotelkamer in Brummen had achtergelaten: al mijn mappen en schriften vol aantekeningen over mijn nieuwe boek ‘Kairos’, het andere gezicht van de tijd, door de Griekse filosofen ook wel ‘de god van het juiste ogenblik genoemd’. Ik had de spullen bij aankomst in het hotel zo diep en veilig weggeborgen in een kast, dat ik ze bij het weggaan juist over het hoofd zag. Een mens kan niet alleen te nalatig zijn, hij kan ook teveel voorzorg betrachten. Gelukkig was een telefoontje naar de hoteleigenaar voldoende om de aanstormende paniek te bezweren: de mappen en schriften waren gevonden; terstond keerde ik op mijn schreden terug. Maar die tweede heenreis was zoveel anders dan de dag ervoor, toen ik me erop verheugde in het geboortedorp van mijn moeder een lezing te geven. Toen genoot ik van de reis, en het rijden door de bossen in hun vlammende herfsttooi, nu was ik nerveus en ongeduldig, en zag slechts donkere, verlaten bossen en zwarte, modderige weidevelden. Wetenschappelijk gezien was het landschap hetzelfde, dezelfde weersomstandigheden, hetzelfde seizoen, maar mijn ervaring was volkomen anders.





‘Niet één dag keert ooit terug, schreef Szymborska, ‘twee nachten zijn nooit identiek, geen kus is als een andere, elke oogopslag is weer uniek.’ Terwijl ik op die bewuste zondag dus voor de tweede keer Amsterdam naderde, sloeg in Brummen het noodlot toe. Een jonge landgenoot van Szymborska gooide achteloos een asbakje leeg in de vuilnisbak van zijn huurwoning in het Brummense Oeken. Hij had die avond met zijn collega wellicht een borrel teveel gedronken, uit weemoed om het leven dat ze leidden, in een land ver verwijderd van hun familie en vrienden. Op het moment dat ik nachtelijk Amsterdam inreed, vond de net niet gedoofde sigaret in de vuilnisbak een oude krant en brandde er een gaatje in. De twee mannen waren zo diep in slaap, dat ze de brandlucht in de keuken niet bemerkten. Toen het vuur eenmaal de slaapkamer bereikte, konden ze zich vanwege de dikke rookwolken en de alles verzengende hitte niet meer uit de voeten maken.

Poolse stukadoors kunnen behoorlijk roken en drinken, net als Poolse dichters trouwens, zoals Szymborska zelf, die tot op hoge leeftijd onafscheidelijk was van haar glas cognac en haar pakje sigaretten. Toen ze in 1996 de Nobelprijs voor literatuur in ontvangst mocht nemen en aan het galadiner naast de Zweedse koning zat, stak ze tegen alle voorschriften in een sigaret op, waarna de koning haar voorbeeld volgde. Aan wie anders dan aan Szymborska zouden we daarom het woord moeten geven in dit verhaal, dat tijd, verandering de dood en het onsterfelijke ogenblik in amper 25 minuten kloktijd met elkaar in verband hoopt te brengen?

Nooit gebeurt iets tweemaal, omdat elke nieuwe keer voortkomt uit alle voorgaande keren en afhankelijk is van de ervaringen, sensaties en stemmingen van dat specifieke moment. We stappen nooit twee keer in dezelfde rivier, om Heraclitus te citeren, omdat de tijd zelf een rivier is, waarin ‘alles stroomt’ – pantha rei - en voorbij gaat. Bergson, Szymborska en Heraclitus zijn het erover eens: alles verandert en niets keert in identieke vorm terug; elk begin, elke nieuwe tijdservaring, maar ook elk einde is daarom uniek. ‘We sterven dus als onervaren senioren’, schrijft Szymborska, of soms, als het lot bijzonder ongenadig is, zoals voor de twee Poolse arbeiders, als onervaren junioren.

Wie echter op grond daarvan zou menen ‘dat de dood almachtig is’ en zijn leven vrezend voor de dood moet doorbrengen, vindt bij de dichteres weinig gehoor. We leveren zelf ‘het levende bewijs van het tegendeel’, meent ze, want zo lang we leven heeft de dood geen macht over ons, een dichterlijke variant op de uitspraak van Epicurus: ‘als ik er ben is de dood er niet, en als de dood er is, ben ik er niet’, hetgeen onze angst voor de dood wellicht al iets zou kunnen temperen. Want, zo vervolgt Szymborska, laten we vooral niet vergeten ‘hoeveel nederlagen’ hij lijdt en ‘hoeveel mislukte klappen’ hij uitdeelt. Soms is de dood zelfs zo’n slapjanus dat hem de kracht ontbreekt ‘om een enkele vlieg uit de lucht neer te halen’. In dit gedicht ‘Over de dood, zonder overdrijving’ probeert de dichteres al enig tegenwicht aan onze doodsangst te geven, maar elders in haar werk, met name in de dichtbundel ‘Het moment’, zal Szymborska het ‘onsterfelijke ogenblik’ opvoeren als het meest zinvolle, troostende en vitale

antwoord op de dood:

Er is geen leven dat nooit, al was het maar een ogenblik, onsterfelijk is geweest.

Wat zijn dat voor mysterieuze momenten waarop we de dood niet langer als het eindpunt van een chronologische lijn zien, maar voor de duur van een moment zelfs onsterfelijk worden? In mijn nieuwe boek noem ik dit het Kairos-ogenblik. Kairos was in de oudheid niet alleen het andere maar ook het juiste en ware gezicht van de tijd en volgens Plato zelfs ‘het beste wat de mens kan overkomen’, omdat deze jonge, gespierde en gevleugelde god voor een interval of intermezzo zorgt binnen het strenge en monotone tijdregime van zijn opa, Chronos.

Tijdens dat intermezzo ervaart de mens de tijd niet langer als een chronologische lijn, maar worden verleden, heden en toekomst samengebald, opgerold of verknoopt – (Charles Taylor spreekt in Seculiere tijden over Kairotische knopen’)- tot een dynamische, vanuit de eigen ervaring omhoog stuwende tijd, die voor verandering en nieuwe inzichten kan zorgen.

Kairos betekende vanaf de oudheid tot aan Erasmus, die er in zijn Adagia een heel hoofdstuk aan wijdt, de ‘tussentijd’ waarin we terecht komen als we een pas op de plaats maken, rust nemen, onze aandacht focussen of ons ergens heel goed op concentreren. Waar Chronos staat voor de universele, statische en kwantitatieve tijd, die noodzakelijk is om tijd in een lineair verband te plaatsen, betekent Kairos het subjectieve, dynamische en kwalitatieve moment, dat rekenschap geeft van de specifieke en immer veranderende omstandigheden en juist daarom tot de geboorte van iets nieuws kan leiden. Tot aan het einde van de zestiende eeuw bleef Kairos tot de verbeelding van menig filosoof, staatsman, theoloog, arts of dichter spreken, want Kairos was de tijd die ertoe deed, de tijd die kansen bood of voor een doorbraak wist te zorgen. Tijdens de Verlichting verslapte onze aandacht voor deze niet meetbare dimensie van tijd, maar sinds Nietzsche hem aan het einde van de 19e eeuw opnieuw ten tonele voerde, is hij in de loop van de 20e eeuw aan een trage, maar gestage comeback begonnen, en vertegenwoordigt hij thans voor een divers aantal filosofen, schrijvers, kunstenaars en wetenschappers al die bevlogen momenten van schoonheid, inzicht en daadkracht die het leven bijzonder maken.

Volgens Szymborska heeft Kairos ‘zijn zinnen op het geluk gezet’, ‘en ook op de waarheid en de eeuwigheid. Kijk hem!’ Het is de tijd die ons niet alleen dichter bij onze persoonlijke ervaring van tijd en bij alles wat we beleefd en meegemaakt hebben brengt, maar hij is

ook de tijdspanne waar Chronos noch de dood vat op hebben:

De dood komt altijd dat ene ogenblik te laat.

Vergeefs rukt hij aan de knop van die onzichtbare deur.

Tweede intermezzo Toen ik vorig jaar het verzoek ontving om een lezing in Brummen te geven, schoot mij onmiddellijk het oude zwart-wit kiekje van het geboortehuis van mijn moeder te binnen. Ik kwam in een van die trage, zich oneindig lang uitstrekkende dagen van mijn kindertijd terecht, toen ik liggend op de grond door de oude fotoalbums van mijn grootouders bladerde. Het was vooral de foto van het statige, met klimop begroeide geboortehuis van mijn moeder, die mijn aandacht trok, niet alleen omdat het er zo sprookjesachtig uit zag maar ook omdat het volgens mijn moeder het mooiste huis was waar ze ooit gewoond had.

Het zaaltje in Brummen waar ik maanden later de lezing gaf, had een verhoogd podium, zoals veel schoollokalen vroeger, met een houten bureau erop, waarachter ik wat onwennig plaatsnam. Meestal sta ik achter een katheder, dus nu voelde ik me meer een arts die een openbaar consult kwam geven dan een schrijver die een lezing ging houden. Ik rommelde wat in mijn papieren om me zelf een houding te geven en tuurde toen de zaal in, waar zo’n tachtig mensen verwachtingsvol naar mij op keken. Ik wist even niet meer wat ik moest zeggen, keek zwijgend terug en meende zelfs heel even een zacht maar onheilspellend kraken van de vloer te horen, die het gewicht van mijn zwijgende, zittende ik blijkbaar amper meer kon dragen. Op dat moment schoot me een merkwaardige herinnering aan mijn grootvader te binnen. Ineens zag ik het stukje spierwitte huid van zijn scheenbeen voor me, dat tussen zijn zwarte sok en pantalon zichtbaar werd als hij bij ons thuis op de bank ging zitten, en dat mij als kind behalve verwondering ook angst inboezemde. En dus begon ik het publiek over mijn opa te vertellen, die voor de oorlog hoofd van de lagere school in Brummen was geweest, en dat ik het bijzonder vond om hier zoveel jaren later vanaf zo’n schools podium zelf een lezing te geven; de woorden regen zich als vanzelf aaneen en weldra was het pauze.

Na afloop van de lezing gingen we bij een van de organisatoren nog een glas wijn drinken. We parkeerden de auto in een zijstraat en liepen in het donker naar de ingang van het huis, dat achter hoge bomen verscholen lag en slechts verlicht werd door een enkele straatlantaarn. Toen ik een eerste stap op het pad in de voortuin zette, begon het licht te knetteren in mijn hoofd, want vlak voor mij stond het huis uit het fotoalbum van mijn grootouders, met precies hetzelfde balkonnetje boven de deur en dezelfde hoge ramen aan weerszijden.

Het was een kortstondig ogenblik, dat evenwel eeuwig leek te duren, omdat verleden, heden en toekomst op wonderlijke wijze met elkaar verknoopt raakten en ik er even van overtuigd was dat ik zo dadelijk mijn overleden grootouders zou gaan begroeten.

Het was zo’n ogenblik waarop de dood altijd ‘te laat komt’, schrijft Szymborska, en alles om je heen intens en levendig wordt, omdat de dood ‘vergeefs rukt aan de knop van die onzichtbare deur’.



Pages:   || 2 |


Similar works:

«Hydrogen Fuel Cell Vehicle Study June 12, 2003 A Report Prepared for the Panel on Public Affairs (POPA), American Physical Society Craig Davis Ford Motor Co. (retired) and Michigan State University ldavis7@peoplepc.com Bill Edelstein General Electric Co. (retired) and Rensselaer Polytechnic Institute wedelst1@nycap.rr.com Bill Evenson Brigham Young University evenson@byu.edu Aviva Brecher The John A. Volpe National Transportation Systems Center Brecher@VOLPE.DOT.GOV Dan Cox University of...»

«DRYLINING, PARTITIONS, CEILINGS AND SCREED TRADE PRELIMINARIES AND PREAMBLES Revision D. Date 21/09/11 Introduction 1.1 This document is for the Dry Lining and Partitions Contractor (hereinafter referred to as the Contractor) guidance in pricing and should be read in conjunction with the other tender documents including the General Preliminaries and Preambles and specification and drawings relating to the Dry Lining and Partitions Works. These documents are not intended to be a definitive list...»

«International Journal of Next Generation Network (IJNGN), Vol.2, No.1, March 2010 IMPROVED PACKET FORWARDING APPROACH IN VEHICULAR AD HOC NETWORKS USING RDGR ALGORITHM K.Prasanth1 Dr.K.Duraiswamy2 K.Jayasudha3 and Dr.C.Chandrasekar4 Research Scholar, Department of Information Technology, K.S.Rangasamy College of Technology, Tamilnadu, India prasanthkaliannan@gmail.com Dean Academic, Department of Computer Science, K.S.Rangasamy College of Technology, Tamilnadu, India drkduraiswamy@yahoo.com...»

«2º Livro dos Macabeus CARTAS AOS JUDEUS DO EGITO 1ª carta: a festa da Dedicação 1 Aos irmãos judeus no Egito, saúdam e desejam bem-estar seus irmãos judeus de Jerusalém e da região da Judéia. 2 Que Deus vos cumule de benefícios e se recorde de sua aliança com Abraão, Isaac e Jacó, seus servos fiéis. 3 Que ele vos conceda a todos a disposição para prestar-lhe culto e cumprir a sua vontade com um coração grande e ânimo resoluto. 4 Que ele vos abra o coração à sua lei e a...»

«Agenda Item March 8, 2010 TO: City Council FROM: Kathy Figley, Mayor SUBJECT: Planning Commission Appointment The following appointment is made, subject to the approval of the Council. Please forward any adverse comments to me prior to the Council meeting on Monday, March 8, 2010. No reply is required if you approve of my decision.PLANNING COMMISSION New appointment o Mike Sowa for a term to expire December 2011 COUNCIL MEETING MINUTES February 22, 2010 Counter DATE: COUNCIL CHAMBERS, CITY...»

«Milestone Film & Video presents A film by Anthony Howarth PEOPLE OF THE WIND The Chronicle of a Nomadic Chief There are two hundred miles of impassable mountains to cross. There are no towns, no roads, no bridges. There is no turning back. Featuring the voice of James Mason Academy Award® Nominee: Best Documentary Golden Globe Nominee: Best Documentary A Milestone Release • PO Box 128 • Harrington Park, NJ 07640 Phone: (201) 767-3117 • Fax: (201) 767-3035 • Email: milefilms@aol.com...»

«SECURITIES AND EXCHANGE COMMISSION (Release No. 34-74921; File No. SR-NYSEArca-2015-41) May 8, 2015 Self-Regulatory Organizations; NYSE Arca, Inc.; Notice of Filing and Immediate Effectiveness of Proposed Rule Change Amending Rule 6.87 Obvious Errors and Catastrophic Errors in Order to Harmonize Substantial Portions of the Rule with Recently Adopted, and Proposed Rules of Other Options Exchanges Pursuant to Section 19(b)(1)1 of the Securities Exchange Act of 1934 (the “Act”)2 and Rule 19b-4...»

«Anais XV Simpósio Brasileiro de Sensoriamento Remoto SBSR, Curitiba, PR, Brasil, 30 de abril a 05 de maio de 2011, INPE p.6696 Uso da análise por componentes principais na avaliação da mudança da cobertura florestal da Floresta Nacional do Tapajós Luciane Yumie Sato1 Yosio Edemir Shimabukuro1 Tatiana Mora Kuplich2 Instituto Nacional de Pesquisas Espaciais INPE Av. dos Astronautas, 1758, 12.227-010 São José dos Campos SP, Brasil {lusato, yosio}@dsr.inpe.br Centro Regional Sul de...»

«Fire and Rescue Service Monthly Bulletin Bulletin number: 4 01 November 2010   Addressed to: The Chair of the Fire and Rescue Authority The Chief Executive of the County Council The Clerk to the Fire and Rescue Authority The London Commissioner The Chief Fire Officer Summary of contents in this issue (The title below is a link to the bulletin page) Title: Public Bodies Reform Firebuy The closure of Firebuy following the review of arms length bodies across government. Title: Transparency in the...»

«PA PA L MAGIC Occult Prac tices Within the C atholic Church SIMON CONTENTS Section I: Catholicism and the Occult 1 Sacerdotal Magic 17 The Black Mass 22 Priestly Authority Over Demons and Angels 40 The Mason Who Would Be Pope 47 The OTO and Christianity 54 Italian Freemasons and the Vatican Banking Scandal 61 The Most Diabolic of Grimoires 70 Section II: Grimoire of Pope Honorius III 97 Foreword 99 The Evocation of the Spirits of the Seven Days 111 Collection of the Rarest Secrets of the...»

«Unquiet Graves The Search for the Disappeared in Iraqi Kurdistan February 1992 Middle East Watch & Physicians for Human Rights I. INTRODUCTION Across northern Iraq, Kurds, freed for now from President Saddam Hussein's grip, have begun revealing the horrors of nearly a quarter of a century of repressive rule. In former Iraqi police stations and prisons, Kurdish officials have discovered torture chambers and execution sites where they say thousands of political prisoners died under torture or...»

«The Power of Proximity: Creating and Venerating Shrines in Indian Buddhist Narratives Andy Rotman, Smith College (Presented at Sufis, Shrines, and South Asia: A Conference in Honor of Simon Digby, University Pennsylvania, 18 October 2003) Not to be quoted without the permission of the author. In India, in the first centuries of the Common Era, along with a sudden and vast proliferation of Buddhist monasteries—most of them situated just outside of urban centers on easily accessible trade...»





 
<<  HOME   |    CONTACTS
2017 www.thesis.dislib.info - Online materials, documents

Materials of this site are available for review, all rights belong to their respective owners.
If you do not agree with the fact that your material is placed on this site, please, email us, we will within 1-2 business days delete him.